Wat hebben deze drie grafieken gemeen? Ze laten vooral zien dat een groot deel van de politieke partijen én bereid is de democratie in de prullenbak te smijten én niet zo veel heeft met vernieuwing. En als uitsmijter blijkt hun achterban wel toe aan een autocratische leider die orde op zaken komt stellen.

Want ze zijn boos. Hun woede krijgt ruimte en begrip. Achtergesteld en onderdrukt, kunnen ze niet anders dan om zich heen slaan. Weg met die AZC’s. Asielmigranten zijn de schuld van alles, van wonen, van koopkracht, van veiligheid. Hun verontwaardiging is dominant in het publieke domein. 

De meeste mensen merken niet zo veel van fascisme. Mits je in het gekozen malletje paste, kun je lekker door met je leven. Tegen de tijd dat je echt honger krijgt en doorhebt dat je bentvoorgelogen, zijn je buren al lang en breed afgevoerd naar een strafkamp. Wel rot, was best een aardig stel. Maar jouw wraak was wel zoet. 

Als vrouwen, klimaatactivisten, mensen van kleur of de queer-gemeenschap van zich laten horen, dan wordt dat al snel door de extreemrechtse politiek in een frame geplaatst, terwijl ze overwegend vreedzaam protesteren. Hun gevoelens doen er niet toe. Ze moeten gewoon niet zo zeiken. En al helemaal niet verontwaardigd doen. 

Dat heet met twee maten meten. En de afspraak was dat we dat niet zouden doen.

Het is geen wedstrijd van goedheid. Het is een keuze of we nog met een aantal fundamentele spelregels willen samenleven of daar schijt aan hebben. Kennelijk kun je zo boos zijn dat je dat niets meer boeit. Dan ben je niet meer voor iets, maar tegen alles. Jouw gevoelens, die van het zelfverklaarde volk, zijn genegeerd. Geweld is de volgende stap.

Helaas zijn steeds meer mensen niet veel meer dan van hun leefomgeving losgezongen consumenten. De speelbal van hun eigen emoties, gesterkt door hun omgeving en de media, voortdurend bang te verliezen. Inmiddels bereid te vechten voor een verleden dat nooit heeft bestaan. Je kunt het ze misschien niet kwalijk nemen. 

Maar diegene die deze gevoelens uitbuit des te meer.  

Pas als mensen doorhebben dat ze tegen elkaar worden uitgespeeld, zal de tijd aanbreken dat we ons uit deze ellende weten te werken. Want hoe je het ook wendt of keert, er is altijd een lachende derde. En die is de afgelopen paar duizend jaar niet fundamenteel veranderd. Het is een kleine groep die graag controle houdt.

Werkelijke democratie kost tijd en energie. Dat betekent dat we lokaal aan de slag moeten. Mensen de ruimte moeten geven om hun eigen toekomst met elkaar vorm te geven. Geen panklare oplossingen bieden maar een luisterend oor en het vermogen verschillen te overbruggen. 

Die toekomst lijkt alleen steeds verder weg. Het is geen kwestie van verkiezingen winnen. Dat station is al lang gepasseerd. Dat besef lijkt maar mondjesmaat door te dringen.