De geschiedenis van de mensheid hangt van eigenaardigheden en toevalligheden aan elkaar, en lijkt zich soms te herhalen, zowel in goed als in kwaad.

Zo beschouwen veel, ook toonaangevende, historici de periode 1914–1918 (Eerste Wereldoorlog) als het symbolische einde van de 19de eeuw en de jaren 1918–1929 als de echte start van de 20ste. Die eeuw begon daarmee niet in 1900, maar in de jaren twintig, toen de oude wereldorde (imperialisme, monarchieën, koloniale vanzelfsprekendheid, negentiende-eeuws vooruitgangsgeloof) instortte en de moderne cultuur, politiek en economie opkwamen. Dat ging gepaard met de nodige ‘kinderziektes’, ook in de zin van democratie en rechtsstaat. 

In november 1923 mislukte in München de ‘Bierkellerputsch’, Adolf Hitlers poging om de macht in Beieren en Duitsland te grijpen. Hij werd gearresteerd en in 1924 veroordeeld tot vijf jaar gevangenisstraf, maar zat uiteindelijk slechts negen maanden in de Landsberg-gevangenis. Tijdens die gevangenschap dicteerde Hitler het eerste deel van Mein Kampf aan Rudolf Hess. Toen hij in december 1924 werd vrijgelaten, was zijn NSDAP verboden en politiek uit elkaar gevallen. Hij stond voor de keuze: of verdwijnen, of zijn partij opnieuw opbouwen maar dan op een andere manier. Op 27 februari 1925 richtte Hitler de Nationaalsocialistische Duitse Arbeiderspartij (NSDAP) officieel opnieuw op. Hij deed dat op basis van een nieuwe strategie: geen gewelddadige staatsgreep meer, maar de macht veroveren via legale, parlementaire weg. De rest is, zoals men zegt, geschiedenis.

Fast forward naar 2025, bijna exact een eeuw later. Ook deze eeuw kwam met wat moeite op gang, maar sinds eind vorig jaar, begin dit jaar gaat het ineens hard. De laatste tijd loop ik met enige regelmaat aan tegen rake analyses van wat er mis is met onze huidige democratie en rechtsstaat. Een goed voorbeeld komt van dichter, classicus en schrijver Ilja Leonard Pfeijffer, die op zondag 12 oktober te gast was in het VPRO tv-programma Buitenhof.

Hij sprak over de toenemende verspreiding van een bijzondere democratievorm, de absolute democratie, als stap in de richting van een autocratie. Zoals Trump met de Republikeinen in de VS – de parallel met Hitler en zijn NSDAP in 1933 is griezelig – misbruikt de winnaar van de verkiezingen daarbij zijn democratisch mandaat om de democratie te ondermijnen. Een voorbeeld dichter bij huis is Geert Wilders die te pas en te onpas ‘de wil van het volk’ aanvoert als rechtvaardiging om antidemocratische en ongrondwettelijke wetten en beleid erdoor te willen drukken. Een minderheid van zijn 2,5 miljoen kiezers – op meer dan 13,3 miljoen kiesgerechtigden – aangevuld tot een Kamermeerderheid door collaborerende partijen, vestigt eerst een ‘dictatuur van de meerderheid’ ten koste van wat een grote minderheid van de bevolking als rechtvaardige samenleving voor ogen staat. Artikel 50 van de Grondwet, dat zegt dat regering en volksvertegenwoordiging handelen in dienst van alle Nederlanders, wordt hierdoor betekenisloos en de onvermijdelijke volgende stap is een autocratie, die zichzelf als overlevingsmechanisme op alle mogelijke manieren zal proberen te beschermen tegen aantasting van haar macht. De eerste voorstellen daarvoor zijn al gedaan, zoals bijvoorbeeld de beperking van het recht van beroep voor belangenorganisaties en een vaag gedefinieerde conceptwetswijziging van artikelen 132a-c WvSr die verheerlijking van terrorisme en openbare steunbetuiging aan terroristische organisaties strafbaar stelt.

Pfeijffer wijst ook op het gevaar dat voor een groeiende meerderheid in de samenleving de Tweede Wereldoorlog slechts een ‘verhaal’ is uit boeken. Opa’s en oma’s die als ooggetuigen eerstehands herinneringen aan de verschrikkingen van de oorlog en het fascisme, vaak toch al selectief en anekdotisch, doorgeven binnen de familie, zijn er nauwelijks meer. Daarmee veranderen de lessen en “dit nooit weer” langzaam in een abstractie achter in het collectieve geheugen en neemt, door de afnemende waakzaamheid, herkenning en invloed van aloude checks and balances, de waarschijnlijkheid toe van nieuwe antidemocratische excessen en geopolitieke en wereldwijde conflicten.

Een derde ontwikkeling die ook Pfeijffer, maar hij niet alleen, vaker schetst is de groeiende kloof tussen arm en rijk. Een kleine groep puissant rijken bezit een steeds groter percentage van de rijkdom in de wereld en ondanks dat het algemene welzijnsniveau in de wereld sinds de Tweede Wereldoorlog is toegenomen, kan een steeds grotere groep financieel maar net de eindjes aan elkaar knopen, zonder dat er voor hen concreet uitzicht is op structurele verbetering. Dit heeft ook voor mensen ook gevolgen voor het gevoel van welbevinden en soms ook hun welzijn. Als de verschillen tussen haves en have nots en de dagelijkse worsteling om te bestaan te groot worden, uit de weerstand daartegen zich in onrust, onvrede en woede. Populisten en autocraten maken gebruik van die negatieve sentimenten om via democratische verkiezingen macht te verwerven, onder andere met de belofte dat ze ‘de elite’ gaan aanpakken. Doorgaans doen ze dat niet werkelijk, omdat ze meestal al snel door (een deel van) die vrijwel altijd overlevende elite worden beïnvloed, gefinancierd en gecontroleerd, of er door hun politieke activiteit onderdeel van worden. Is een feitelijk machtsmonopolie in handen van zo’n kleine groep van mensen die behoren tot een bevoorrechte klasse, vaak een zelfs erfelijke sociale groepering op basis van verwantschap, economische status, vermogensoverdracht, prestige en soms zelfs taal, dan wordt vaak gesproken van een oligarchie.

Juist rechtse partijen, conservatief en gericht op behoud van de status quo, dienen vaak mede die autocratische en oligarchische belangen, door het verouderde economisch systeem met zijn machtsmonopolies te beschermen tegen de onrust, vaak met repressie. Mede daarom zie je partijen als VVD en JA21 aandringen op meer camera’s met gezichtsherkenning, meer vrijheidsbeperkende maatregelen zoals enkelbanden, hogere straffen, meer cellen, meer politie, enzovoorts. Waar progressieve, als ‘links’ geframede partijen de oplossingen voor de onrust en onvrede eerder zoeken in onderwijs, voorlichting en begeleiding, verbetering van kansen en kansengelijkheid, emancipatie van achtergestelden, terugdringen van discriminatie, enzovoorts, zie je rechtse partijen vaak juist op die aspecten bezuinigen en eenzijdig focussen op ‘banen’ en flexibilisering van arbeid, en daarnaast op orde, gezag en handhaving. Uit dit conservatieve beleid vloeit onvermijdelijk ook ellende voort. Terwijl populisten met hun gemakkelijke zondebokpolitiek één deel van het electoraat weet in te palmen, wordt ‘links’ voor een ander deel van de achtergestelden en tegengestelde krachten al gauw het gehoopte tegengif tegen alle ellende.

Ik zie de intuïtieve waarheid in die analyse maar toch wringt er voor mij ook iets: het is alsof ik kijk naar een schilderij van een landschap zoals dat net niet in mijn land voorkomt. ‘Links’, bijvoorbeeld, is niet die exclusieve, hoopvolle belofte van welzijn voor allen. Toen de PvdA in 2012 in het kabinet Rutte II de kans had, offerde zij onder andere het arbeidsquotum voor mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt op aan andere belangen. Dat quotum zou een middel zijn geweest om de arbeidsparticipatie te vergroten, een deel van de arbeidsmigratie in te perken en zinvol te sturen op een rechtvaardig arbeidsmarktbeleid. Wel ging de PvdA mee in de ‘Verelendung’ van o.a. de asielketen, de zorg, de Jeugdzorg, de GGZ en de ouderenzorg, en met de flexibilisering van de arbeidsmarkt met al zijn sindsdien gebleken uitwassen en verslechteringen van de positie van vooral laagbetaalde arbeidskrachten. Laten we ook niet vergeten dat onder die regeringsdeelname van de PvdA ook het ontluisterende Toeslagenschandaal tot zijn volle uitwerking kwam en dat daarna het aan de kaak stellen ervan vanaf 2014 lange tijd werd tegengewerkt door de Belastingdienst en opeenvolgende regeringen tijdens en na Rutte II.

Traditioneel ‘links’ maakt al sinds de kabinetten Kok haar belofte niet waar, zag daardoor haar achterban slinken, mist ook nu deels een vernieuwende visie op de uitdagingen van ons transitietijdperk en is dus ook niet de panacee voor alle kwalen van onze samenleving. Die vragen immers evengoed om ‘rechtse’, ondernemende geesten, die tegen een faire beloning meer risico’s willen nemen dan veel anderen om de samenleving (verantwoord) vooruit te helpen.

Die weg vooruit vergt in elk geval een drastische vereenvoudiging van het belasting- en toeslagenstelsel en het stimuleren van een nieuw, meer duurzaam economisch model, gebaseerd op een evenwicht met een gezondere ecologie en sociale samenleving. Niet alleen meer welzijn of meer welvaart voor de gelukkigen, maar ook voor de ‘ongelukkigen’, door in dat evenwicht meer rechtvaardigheid in te bouwen.

En oligarchen? Het beeld dat die term oproept staat ver af van onze werkelijkheid. Het is taal die een vreemd en ander land oproept. Maar iedereen die een beetje heeft opgelet bij bijvoorbeeld ‘Big Agro’, Tata Steel, Chemours, Schiphol, KLM, en Shell\Exxon\NAM, beseft wel dat ons land de afgelopen 15-20 jaar naar de rand van de afgrond is geduwd door grote, invloedrijke ondernemingen met hun eigenaren en aandeelhouders. Die ondernemingen vertegenwoordigen veel banen, maar ook heel veel daarvan zijn laagbetaald en vragen om import van arbeid uit de armste landen in Europa en zelfs daarbuiten. Ondertussen veroorzaken hun productiemethoden een onverantwoorde belasting van onze leefomgeving en bedreigen zij de gezondheid van grote groepen, omwonenden maar ook eigen medewerkers, en natuur en milieu, terwijl soms wel voor 75 procent wordt geproduceerd voor de export. Geld verdienen ten koste van de ecologie en de mensen die de economie dragen, is zelfverrijking door aandeelhouders die Nederland beschouwen als slechts een wingewest en daarmee het fundament van onze samenleving ondermijnen. Mensen strijden, vaak onbewust, tegen dat systeem van roofbouwkapitalisme; ze voelen de basis voor een goed leven voor zichzelf en hun (klein)kinderen onder hun voeten wegzinken.

Wat populisten, autocraten en fascisten al eeuwenlang steevast doen, is dit soort situaties om steun en macht te verwerven gemakkelijk naar zondebokken van buiten wijzen om de complexe onderliggende problemen in de fundering niet aan te hoeven pakken. Zij hebben er de flexibiliteit van denken niet voor en zij hebben geen enkel belang om de echte problemen op te lossen, want hun macht groeit zolang die problemen blijven bestaan. Helaas zijn er ook altijd weer mensen die dit niet zien en erin tuinen. De invloed van confirmation bias en het framing effect dragen daar volgens deskundigen, mede via algoritmes in sociale media en op het internet, de afgelopen 10-15 jaar in steeds sterkere mate aan bij. [1]

Wat ons te doen staat, om die mensen een herkenbaar alternatief te geven, is beschrijven welke voor onze toekomst schadelijke zaken we willen veranderen; wie in de weg staan van die verandering en welke schade zij daarmee veroorzaken; en hoe ons land en onze toekomst eruit gaan zien als we die nieuwe weg inslaan. Onderscheid maken tussen ‘rechts’ en ‘links’ gaat daaraan niets bijdragen; we hebben uiteindelijk iedereen nodig om zijn eigen ding te doen in dit nieuwe systeem, waarin we onszelf wel in stand weten te houden als open, tolerante, rechtvaardige en welvarende samenleving in deze ontluisterde nieuwe eeuw.

Over waarom wij allemaal die duurzame toekomst willen, voor onze (klein)kinderen en onszelf (en wat het onwenselijke alternatief is) zijn we er samen ongetwijfeld vlot uit. Over hoe we daar komen en wat we daarvoor moeten doen, worden we het met een beetje goede wil, ook ten aanzien van de feiten en de waarheid, vast ook wel eens. Wat we nu nog nodig hebben is een generatie redelijke politici met het verantwoordelijkheidsbesef, de moed en de bereidheid tot samenwerken om dat project serieus op gang te brengen. En die daarvoor geen concessies doen aan of flirten met populistische zondebokpolitiek. Weet dus wat je stemt op 29 oktober.

Stem ze weg!

#stemzeweg

[1] https://www.nrc.nl/nieuws/2025/10/09/its-the-internet-stupid-a4908843

Afbeelding: © 2010 Fred van Assendelft,
Creative Commons Attribution-Share Alike 4.0 International license
https://web.archive.org/web/20161014191824/
http://www.panoramio.com/photo/33684871