Op 9 februari 2026 werd bekend dat 11 van de 14 deelnemende partijen, op SP en JA21 na, na Amsterdamse gemeenteraad in een gezamenlijke verklaring Forum voor Democratie (FvD) volledig uitsluiten, voor en na de gemeenteraadsverkiezingen. De reden: uit onderzoek van NRC blijkt dat kandidaat Reginald Eeckhout racistische ideeën heeft en oprichter was van een extremistische organisatie. Hij pleit voor een “blanke etnostaat”. 

Dit past volgens de ondertekenaars niet bij een democratische en inclusieve samenleving. Amsterdam is geen op zichzelf staand geval, maar volgens de 11 partijen onderdeel van een breder patroon binnen FvD. Zolang FvD niet ondubbelzinnig en geloofwaardig afstand neemt van de rechts-extremistische opvattingen van kandidaten als Eeckhout, sluiten zij iedere politieke samenwerking uit.

Cordon sanitair: werkt het of niet?

Deze vorm van het boycotten van een bepaalde partij kennen we ook als cordon sanitaire, vooral bekend uit de Belgische politiek. Het doel is om die partij te isoleren en om een duidelijk signaal af te geven voorafgaand aan de verkiezingen: als je op ons stemt, garanderen we dat je geen kans krijgt in een democratisch bestel.

Een cordon kan werken om twijfelende kiezers af te schrikken: ‘als bijna iedereen deze partij afwijst, dan is er misschien echt iets mis’. Ook zorgt het ervoor dat stemmen erop minder zinvol wordt. Strategische kiezers stemmen om invloed te hebben. Het idee dat een partij buitengesloten wordt, kan ook het gevoel geven dat stemmen op die partij problemen veroorzaakt in plaats van bijdraagt aan oplossingen.

Sociale druk is ook van belang. Politiek is niet alleen iets persoonlijks, maar ook iets sociaals. Mensen praten met familie, vrienden en collega’s over politiek. Als een partij door bijna alle mensen die voor jou van belang zijn wordt afgekeurd, kan het moeilijker worden om openlijk te zeggen dat je daarop stemt. 

Ook in de media speelt een cordon sanitaire een rol, omdat die media veel aandacht aan conflicten en ophef besteden. Als steeds wordt herhaald dat een partij “niet meedoet”, “fout is” of “niet serieus wordt genomen”, schaadt dat het imago van die partij. Voor nieuwe kiezers kan dat een extra reden zijn om afstand te houden. Soms maakt dat een partij juist sterker. Die kan zeggen: “Wij worden buitengesloten omdat wij de waarheid spreken.” Dat slachtofferschap trekt sommige kiezers juist aan. 

De belangrijkste reden voor het cordon zou moeten zijn het ontmaskeren van een partij die de rechtsstatelijke en democratische kernwaarden niet onderschrijft en beoogt deze te schenden, los van het praktische effect. Als democraat wil je er simpelweg niets mee te maken hebben . De FvD in Amsterdam heeft met het bewust op de kieslijst plaatsen van een extreme racist gekozen voor confrontatie met supporters van de rechtsstatelijke en democratische kernwaarden. In andere plaatsen ging het om openlijke antisemieten, neonazi’s en andere extremisten. Voordat zij wegliep bij een interview, stelde FvD-leider De Vos dat zij niets wist van het verleden van diverse in het NRC-onderzoek genoemde personen. Dat is ongeloofwaardig en typerend voor een populistische politicus.  

Uitsluiting is juist democratisch

Partijen die een extreme partij uitsluiten, worden vaak zelf beschuldigd van ondemocratisch gedrag en gebrek aan respect voor de kiezers. Daar zit op het eerste gezicht iets in, maar het gaat hier enkel om de partij en haar extreme standpunten, niet om de kiezer. Als die partij zelf niet democratisch is en vaak ook niet rechtsstatelijk, hoe kan een democratische partij zich hier anders toe verhouden? Belangrijk richtsnoer hiervoor is artikel 17 van het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens, ook wel het misbruikverbod. De kern ervan is dat niemand de verdragsrechten mag gebruiken met het doel andere rechten en vrijheden te vernietigen of verdergaand te beperken dan het verdrag zelf toestaat. Daarmee fungeert artikel 17 als een vangnetbepaling die voorkomt dat het EVRM tegen zichzelf wordt gekeerd.

Na de Tweede Wereldoorlog wilden de opstellers van de bepaling voorkomen dat het nationaalsocialisme of andere extremistische stromingen zich zouden kunnen beroepen op vrijheden als meningsuiting of vereniging om de democratische rechtsorde en mensenrechten te ondermijnen. In deze tijd speelt dit motief weer, of nog steeds. Daarom is het voor partijen die deze rechten wel hoog houden, legitiem om een extremistische partij te boycotten.