Voor wie op social media nog nooit een discussie heeft gevolgd of is aangegaan met volgelingen van Wilders, Baudet en Alt-right, Eerdmans of Van der Plas, of met rabiate verdedigers van Israëls genocide in Gaza, zoals Yesilgöz, Bikker en Stoffer: de discussies kenmerken zich niet alleen soms door een ontbrekende of onvoldoende ontwikkelde gewetensfunctie, maar vooral ook vaak door een roekeloze schaamteloosheid, gebrek aan fatsoen en redeloosheid.
Ik luister met stijgende verbazing naar mensen die blijven bepleiten om in gesprek te blijven en to agree to disagree. Hoe doe je dat, als het gesprek wordt gekenmerkt door de karakteristieken die ik net benoem? Als je maag zich omkeert bij de niet of nauwelijks verholen racisme en vreemdelingenhaat? Als alles wat terugkomt van je gesprekspartner neerkomt op vooroordelen, feitenvrijheid en een ontbrekende wil om kennis te nemen van een andere waarheid dan de eigen waan, onverdraagzaamheid en haat? Als wat je zegt, omdat het niet overeenkomt met zijn of haar overtuiging, direct wordt weggezet als ‘links’ en niet het aanhoren waard? Als je gesprekspartner liever uitzinnig rechts-extremistische intimidatie en politiek geweld vergoelijkt en jouw veroordeling van het aanmoedigen ervan lijkt op te vatten als een persoonlijke aanval, dan probeert te begrijpen waarom we al bijna 100 jaar, indien niet langer, weten dat dergelijk geweld een gevaar is voor de democratische rechtsstaat?
Dat rigoureus afwijzen en bewust niet kiezen voor agree to disagree is geen polarisatie, zoals de hele rechts-conservatieve media, ook op de NPO, maar blijven beweren en gaslighten. Het is verzet tegen een oude geest in een gerecyclede fles.
Dit keer is die verpakt als klassiek kapitalisme of neoliberalisme, met als inzet om andersdenkenden en anders levenden de mond te snoeren en, desnoods met antidemocratische onderdrukking en al dan niet uitbesteed geweld, te onderwerpen aan de ‘enige ware ideologie’ – fascistoïde roofbouwkapitalisme gemengd met als ‘Joods-christelijke traditie’ gecamoufleerde vreemdelingenhaat.
Niemand benoemt tot nu toe hardop dat die onderwerpingsdrang toch nooit een herkenbare eigenschap, noch op enig moment het discours, is geweest van de progressieve bewegingen in het politieke midden sinds WOII. Ook hun taal heeft zelfs niet eens ooit die intentie bevat. We moeten ons daarom luidkeels blijven verzetten tegen die perfide ‘frame’ over ‘links’, of we ons daarmee nu identificeren of niet.
Verzet begint niet met grote woorden.
Mijn vraag: waarom zouden we agree to disagree als onze vrijheid van denken en om te zijn wie we zijn op het spel staat?
Mijn vraag: wat stem jij op 29 oktober?

Vrijheid van denken is de kern van ‘agree to disagree’
Het ideaal van ‘agree to disagree’ is juist geworteld in de gedachte dat iedereen vrij is om een eigen mening te hebben en te behouden, zonder gedwongen te worden die op te geven voor harmonie of conformisme. Deze houding beschermt het recht om anders te denken en voorkomt dat verschillen uitmonden in vijandigheid of onderdrukking van unieke stemmen.
wanneer werkt het niet?
Soms wordt ‘agree to disagree’ gebruikt als beleefdheidsvorm om discussies te beëindigen die dreigen te escaleren, ook al zijn de geschilpunten heel wezenlijk. Dat kan problematisch zijn wanneer het niet slechts om individuele meningen gaat, maar om rechten, gelijkwaardigheid of bestaanszekerheid. In zulke situaties kan het weigeren om ‘tegenspraak’ te verdragen of het afsluiten van de dialoog betekenen dat machtsverhoudingen in stand blijven of onrecht niet wordt bestreden.
Respect versus passiviteit
Respect voor het verschil is essentieel in een gezonde, vrije samenleving, maar dit mag geen excuus zijn om onverschillig te worden of ten koste van de eigen rechten, vrijheid of identiteit naar de achtergrond te verdwijnen. Wanneer de fundamentele vrijheid van denken, zijn of leven bedreigd wordt, is het juist zaak om de dialoog open te houden, op te komen voor deze vrijheden en niet passief te berusten in ‘agree to disagree’.
LikeGeliked door 1 persoon
Ik volg je redenering voor het grootste deel, maar het recht om anders te denken en dat van vrije meningsuiting is voor mij echt begrensd door andere grondrechten. Ik agree to disagree niet met bijvoorbeeld discriminatie, racisme en vreemdelingenhaat of fascistische ideologieën. Nooit. Daar blijf ik me tegen verzetten tot ik erbij neerval.
Mijn echte punt is dat er juist met veel van deze volgelingen van vooral PVV, VVD, BBB, JA21, SGP en FvD geen sprake is van een dialoog. Er wordt niet gereageerd op inhoudelijke argumenten, alleen op de man gespeeld, ontweken, ge’whatabout’ en het woord “arrogant” wordt er direct ingeslingerd als je kritisch bevraagt of non-argumenten of niet-feitelijkheden weerlegt. En waar jij je mening geeft, is daar al helemaal geen ruimte voor.
Dan komt er voor mij een moment om te benoemen dat er weliswaar altijd een gesprek mogelijk blijft, maar dat ik de persoon voor dat moment aan zijn lot overlaat. Ik heb wel eens gezegd: laat maar rechts liggen, we vegen de boel wel weer bij elkaar en houden hem wel bij elkaar als mensen weer terugkeren aan de goede kant van de rode lijn. Voor mij is dat waar respect, naar elkaar luisteren, feitelijkheid en open staan voor inhoudelijke kritiek de dialoog bepalen, en niet vooroordelen, onverdraagzaamheid, racisme en haatspraak.
LikeLike